Huiswerk groep 7/8

In groep 7/8 krijgen de kinderen drie keer per week huiswerk. Op maandag rekenen, op woensdag spelling en op vrijdag Engels. Soms komen er nog toetsen bij.

In de week na de vakantie hebben ze nooit huiswerk, zodat ze in alle rust kunnen genieten van de vakantie. 

Garfield-Homework[1].jpg

  Groep 7      Groep 8       
Maandag (22-1)    Rekenen: Redactiesommen 8     Rekenen: Redactiesommen 10
        

Woensdag (24-1)

  

 

        
Vrijdag (26-1)

ENGELS:  Twenty One Pilots - lesson B

 

  

 

 

     


 

* Uitleg huiswerk Woordenschat (woensdag)

1) Schrijf het woord en de betekenis over in je schrift.

2) Gebruik dit woord in een zin waaruit je kunt zien wat het betekent.

3) Dit doe je voor alle woorden. 

 

Voorbeeld: 

het eigenbelang = Het voordeel voor jezelf, wat alleen voor jezelf belangrijk is. 
Het is in mijn eigenbelang dat ik dit huiswerk doe, want zo leer ik alvast voor de toets.
 
astronomisch = Onvoorstelbaar groot.
Met de loterij heeft hij zo'n astronomisch groot bedrag gewonnen, dat hij nooit meer hoeft te werken. 

 

China - les 1

het contrast  = Een tegenstelling
vertoeven  = Ergens een tijdje zijn.
de metropool = Een wereldstad.
zich uitstrekken = Een bepaalde oppervlakte innemen.
onherbergzaam = Waar je moeilijk kunt verblijven door het klimaat of het landschap.
het karakter = Een Chinees teken voor een woord of een deel van een woord.
het schriftsysteem = De manier waarop een taal opgeschreven wordt.
de toonhoogte = Hoe hoog of hoe laag een klank is.
de verscheidenheid = De afwisseling, de variatie.
de bezienswaardigheid = Iets wat de moeite waard is om te bekijken.
de trekpleister = Een plek waar mensen graag naartoe willen.
terracotta = Roodbruin aardewerk.
de omgangsvorm = Een min of meer vastliggende manier waarop je met elkaar omgaat.
roerbakken = Al roerend en op hoge temperatuur kort bakken.
immens = Enorm.
dunbevolkt  = Waar weinig mensen wonen per vierkante kilometer.
dichtbevolkt = Waar veel mensen wonen per vierkant kilometer.
mild = Zacht en vriendelijk.
de delta = Een gebied waar een rivier in kleine riviertjes de zee in stroomt.
oosters = Dat zeg je van iets of iemand uit landen ten oosten van Europa.

 

China - les 5

afzetten = Iemand niet langer de leider laten zijn.
bekritiseren = Beoordelen, kritiek geven.
de bevolkingsgroei = Het toenemen van het aantal inwoners van een land.
het boeddhisme = Een godsdienst die begonnen is door Boeddha.
de censuur = Toezicht houden op wat er geschreven of gezegd wordt in bijvoorbeeld kranten, op televisie en internet, en daarin dingen schrappen.
het communisme = Een manier van samenleven in een land waarbij alles van iedereen is en de regering bepaalt.
deugdzaam = Je netjes gedragen, fatsoenlijk.
de dynastie = Een regerende familie, bijvoorbeeld een koningshuis.
de eenheid = Een geheel.
de filosoof = Iemand die zich voor zijn beroep bezighoudt met ingewikkelde vragen over het leven.
idealiseren = Iets mooier maken dan het is.
inperken = Grenzen stellen, iets kleiner of minder maken.
sinds mensenheugenis = Vanaf het moment dat mensen het zich kunnen herinneren, al heel lang.
de mensenrechten = De rechten en vrijheden die ieder mens zou moeten hebben.
moderniseren = Aanpassen aan de tijd van nu.
de republiek = Een staat waarin het staatshoofd (een president) wordt gekozen.
respecteren = Eerbied voor iets of iemand hebben, iets of iemand in zijn waarde laten.
schenden = Beschadigen.
symbolisch = Niet letterlijk, het staat symbool voor iets.
de wijsheid = Heel veel weten, veel kennis hebben over allerlei onderwerpen.